John Rambo

Productiejaar: 
2008
Categorie: 
Langspeelfilm
Releasedatum: 
06/02/2008
Verdeler: 
Elyzee films
Filmgenre: 
Actie
Regisseur: 
Producent: 
Avi Lerner
Kevin King Templeton
John Thompson
/  
John Rambo
Julie Benz
/  
Sarah Miller
Graham McTavish
/  
Lewis
Paul Schulze
/  
Dr. Michael Burnett
Matthew Marsden
/  
'School Boy'
Ken Howard
/  
Arthur Marsh
Tim Kang
/  
En-Joo
Rey Gallegos
/  
Diaz
Jake La Botz
/  
Reese

Waarom gaat een mens naar “John Rambo” kijken ?  Op zich wel een interessante vraag. Een korte rondvraag in de zaal waar deze nieuwe actieprent van Sly gisteren te zien was in Kortrijk had ons misschien wat duidelijkheid gebracht. Voor het scenario zal het wel niet zijn. Voor de top-cast ook al niet want de doorsnee-filmliefhebber zal, met uitzondering van Sylvester kijk-eens-wat-een-enorme-spieren-ik-na-20 jaar-nog-steeds-heb Stallone, niet kunnen zeggen in welke film één van die andere acteurs of (weinige) actrices heeft meegespeeld. Als filmcriticus ofte –recensent hebben wij wél een reden natuurlijk ; het feit dat onze Sylvester na meerdere weken release met zijn film nog steeds in de Top 10 van de Belgische Box-office staat. Als filmjournalist zal dit voor sommigen zelfs een goéde reden zijn.
Op de (Belgische Box-office) teller van “John Rambo” stonden na het tweede weekend al meer dan 400.000 Euro dus mag je concluderen dat het Belgische publiek de avonturen van mijnheer Rambo nog steeds lust, zelfs 20 jaar (!) na “Rambo III” (toen nog gemaakt door Peter MacDonald). In Amerika is het succes cijfermatig vergelijkbaar, alhoewel de film daar in zijn openingsweekend met 18.203.876 $ opbrengst nog net/een paar honderdduizend Dollar onder het resultaat van “Meet the Spartans” bleef en deze komedie dus moest laten voorgaan. Bijzonder pijnlijk als je weet dat de eerste drie Rambo-films destijds in hun openingsweekend bovenaan stonden van het Box-office lijstje in de Verenigde Staten. Slotconclusie : het zijn niet de beste films die het meeste publiek lokken. Maar dat is natuurlijk niets nieuws.

John Rambo is na zijn wilde en actievolle avonturen uit het verleden achtergebleven in Noord-Thailand. Uitgeblust, moegestreden (eigenlijk ook wel heel erg versleten maar dat mogen we niet zeggen anders geloof je de rest van het verhaal niet meer) maakt hij zich in de buurt van de Salween-rivier nog nuttig door het vangen van slangen voor een plaatselijke snake farm. Daar komen de giftigste exemplaren het meest van allemaal oog in oog te slaan met iemand die met hen een gevaarlijk spelletje speelt terwijl omstanders het gebeuren van op een krakkemikkige tribune geconcentreerd volgen. Alles lijkt erop te wijzen dat deze gewezen Viëtnam-veteraan hier de rest van zijn leven zal slijten. Tot een aantal niet-Aziaten even langskomt. Zij willen met bijbels, medicijnen, voedsel, enz… naar het Karen-gedeelte van de Birmaanse bevolking trekken en aangezien autosnelwegen, wegwijzers en openbaar vervoer ontbreken in dit deel van de wereld moeten ze wel een beroep doen op iemand die de streek bijzonder goed kent. Iemand die met zijn boot al menig kilometertje de plaatselijke rivieren heeft afgevaren. Immers, over land is het bijzonder onveilig want alle routes naar het betreffende gebied zijn dik bezaaid met landmijnen.
Juist, John Rambo is de geknipte man voor de job. Maar… John gelooft niet meer in dit soort initiatieven en is niet zinnens om deze groep medemensen naar hun dood te varen. Maar men blijft aandringen en wanneer ene Sarah nog eens al haar overtuigingskracht en vrouwelijke charme aanwendt (nee, ze gaan niet met elkaar naar bed in de film…), 'breekt' onze John. En hup, iedereen kan aan boord en de boordmotor wordt in gang gezet.
Nadat hij heeft afgerekend met een boot rebellen die weinig nobele bedoelingen hadden met de enige vrouw in het gezelschap (je moet nu ook al geloven dat John al een soort ‘band’ heeft met deze vrouw !) levert hij de groep hulpverleners af op de voorziene plaats en keert naar huis terug. Echt een goed gevoel heeft hij er niet bij en weken na zijn terugkeer komt één of andere geestelijke zijn woonboot opgewandeld. Zijn mensen zijn, tien dagen na de voorziene datum, nog steeds niet teruggekeerd en of John nog even zou willen het tochtje maken ?  En een aantal huurlingen op dezelfde plaats afleveren als die waar Sarah en Co aan land gingen ?

Het personage John Rambo is gebaseerd op het reeds in 1972 verschenen boek van David Morrell die de titel – “First Blood” – ook ontleende aan de eerste film. Sylvester Stallone wou met deze (hij zegt laatste, wij noemen hem gewoon volgende) Rambo-film zorgen dat die met de actualiteit zou te maken hebben. Zelf beweert Stallone op een gegeven ogenblik de Verenigde Naties opgebeld te hebben met de vraag waar ter wereld zich nu eigenlijk de meest onderschatte situatie van de schending van mensenrechten afspeelde die daarenboven weinig of geen aandacht kreeg ?  Het antwoord was Birma. Daar zou het Karen-deel van de bevolking al zestig jaar een bloedige strijd voeren voor onafhankelijkheid. Reden genoeg voor de filmmaker om zich volledig op dit gegeven te concentreren.
Positief bij Stallone’s aanpak is dat hij er van bij het begin voor koos om de 'echte mensen' voor de camera te krijgen ; stuk voor stuks oorlogsslachtoffers dus, soms met geamputeerde ledematen maar altijd getekend door én met de oorlogservaring alhoewel oorlogstrauma hier als woord beter past. Het bleef wat dit betreft overigens niet alleen bij de vele quasi anonieme figuranten in de film maar ook iemand als Muang Muang Khin die zich na 1988 bij de Karen-rebellen aansloot, is te zien in de film (zelf heeft hij ervoor geopteerd om na de release van de film een tijd onder te duiken om vergelding te voorkomen voor zijn rol van Tint in de film).
“John Rambo” werd opgenomen in Chang-Mai, de op één na grootste stad van Thaïland die het best als mogelijk de (Birmaanse) realiteit benaderde. Logistiek geen lachertje om bijna 500 (crew)mensen te laten neerstrijken in een gebied dat op heel wat vlakken een bijzondere bescherming geniet. Voeg daar nog een taalprobleem bij (acteurs uit 7 verschillende landen, crew-leden uit 13 landen…) en je weet dat het nu ook weer niét zo makkelijk was om deze “Rambo”-film in te blikken.

Er is maar één ding dat er zal voor kunnen zorgen dat ik, eens ik de pensioengerechtigde leeftijd heb bereikt, niét zal kunnen (of moeten) gaan kijken naar “Rambo 18” of “Rocky 21” en dat is dat er geen actiehelden meer zijn die tegelijk 80-plusser zijn. Alhoewel de grenzen ook niet zo duidelijk afgebakend zijn wat dit betreft als je weet dat onze Sylvester (je gaat best zitten nu) maar liefst… 61 jaar oud is. Eenenzestig. Op zo’n leeftijd door de jungle rennen op een manier waarop je een gedopeerde Marion Jones nog het vuur aan de schenen zou leggen op een sprintje van 100 meter, het kan allemaal in Hollywood. En er zijn zelfs nog heel wat mensen die 7 of 8 Euro willen neertellen om er naar te gaan kijken…

De aanpak van Sylvester Stallone (naast de regie schreef hij ook het scenario wat hem grotendeels verantwoordelijke maakt voor het eindresultaat) was er duidelijk op gefocust om van “John Rambo” een brutale actiefilm te maken. Het in beeld brengen van afgeschoten ledematen, opspattende roodkleurige klompen mensenvlees in een mijnenveld, het brutaalweg en expliciet afmaken van kinderen, het zijn specifieke stijlkenmerken van deze film. Voor ons hoeft dit allemaal niet maar Stallone vindt blijkbaar dat dit bij zijn wederoptreden hoort.
Spektakelwaarde heeft de film natuurlijk wel maar dan eerder op het vlak van geluid bijvoorbeeld. De tientallen minuten dat de klank was uitgevallen toen wij de film gingen zien daar gelaten, was die toch wel bijzonder. Het onderstreept het belang van de ‘sound’ (maar ook van een feilloos werkende decoder en versterker…) bij dit soort van films.
Stallone is in de film even onmisbaar als het verhaal bijkomstig is, want dit is een film waar je de synopsis van kunt samenvatten in één (heel erg cliché klinkend) zinnetje (hij rust uit, hij wil niet meer, hij wil dan wél, hij schiet, vecht, moordt, keert terug en ’t is gedaan). Wat allemaal niet belet dat Sylvester Stallone’s “John Rambo” de film is met de meeste schoten per minuut en bijgevolg ook het meeste aan flarden geschoten kanonnenvlees…

Koenraad Adams