Michael Redgrave

Michael Scudamore Redgrave
° 
20/03/1908
Bristol
Engeland
+  
23/03/1985
Biografie: 

Michael Redgrave studeerde aan het Clifton College in Bristol en het Magdalene College in Cambridge.  Verrassend is het niet dat de gewezen journalist én schoolmeester van Cranleigh vanaf 1934 te zien was in toneelstukken van het Liverpool Playhouse.  Iedereen ten huize Redgrave was immers op één of andere manier verbonden met acteren.  Zijn Britse vader Roy Redgrave (1872 - 1922) bijvoorbeeld was ook al te zien in een aantal Australische, stille films.

In 1935 trouwde Michael met actrice Rachel Kempson waarna de traditie binnen de familie werd verdergezet : zoon Corin en dochters Lynn en Vanessa Redgrave zochten en vonden hun weg in het acteren, zowel op vlak van toneel als van film.

In 1936 sloot hij zich aan bij het prestigieuze Old Vic theater in Londen.  Hij was datzelfde jaar ook nog te zien in een kleine rol in “The Secret Agent” van Alfred Hitchcock.  Die zag dat het goed was en trakteerde Redgrave op de hoofdrol in “The Lady Vanishes”.

In de periode die hier op volgde verdeelde Redgrave zijn tijd tussen toneel én film.  Het toneelwerk slorpte het meeste tijd op want hij produceerde en regisseerde niet alleen toneelstukken, hij schreef soms ook het scenario, zoals bij ‘The Seventh Man’ en ‘Circus Boy’, twee stukken uit 1935.  Maar hij was ook auteur van het draaiboek voor het stuk ‘The Aspern Papers’ (1959), gebaseerd op de novelle van Henry James.  Ook nog door hem geschreven : de autobiografieën Mask or Face : Reflections in the Actor’s Mirror (1958) en In My Mind’s Eye (1983).

En toch was zijn filmwerk niet minderwaardig.  Zo had zijn rol van buikspreker in “Dead of Night” waarin de pop de controle overneemt zeker zijn belang.  Hij was ook even actief in Hollywood wat hem in ’48 een Oscarnominatie voor Beste Acteur in “Mourning Becomes Electra” opleverde.  Zeker ook nog te vermelden : zijn rol van Jack Worthing in “The Importance of Being Earnest”.  Voor zijn rol in “The Browning Version” kreeg Michael Redgrave op het Filmfestival van Cannes de Prijs voor Beste Acteur.

Redgrave kende het hoogtepunt van zijn carrière eind de jaren ’40, begin de jaren ’50.  Eind de jaren ’50 was hij enkel nog te zien in bijrolletjes.  Alhoewel zijn rol van bezorger in “The Go-Between” nog maar eens zijn kunnen als acteur onderstreepte.  Kort hierna zette hij een punt achter zijn carrière.  Dat hij op dat ogenblik al enige tijd leed aan de Ziekte van Parkinson had hier ongetwijfeld iets mee te maken.

In 1956 werd zijn biografie uitgebracht onder de titel Michael Redgrave, Actor, geschreven door Richard Findlater.  In 1958 verscheen ook nog een autobiografie, getiteld Mask or Face : Reflections tot the Actor’s Mirror.

In 1959 werd Michael Redgrave tot ridder geslagen.

Filmografie : 

1
The Go-Between     1971
Langspeelfilm
Drama
Regie : Joseph Losey

2
Battle Of Britain     1969
Langspeelfilm
Oorlog
132 minuten
Regie : Guy Hamilton

3
Oh ! What a Lovely War     1969
Langspeelfilm

139 minuten
Regie : Richard Attenborough

4
Young Cassidy     1965
Langspeelfilm

110 minuten
Regie : Jack Cardiff

5
The Happy Road     1957
Langspeelfilm
Komedie
Regie : Gene Kelly

6
Mr. Arkadin     1955
Langspeelfilm
Drama
99 minuten
Regie : Orson Welles

7
Mourning Becomes Electra     1947
Langspeelfilm
Drama
173 minuten
Regie : Dudley Nichols
Personage : Orin

8
The Lady Vanishes     1938
Langspeelfilm
Thriller
92 minuten
Regie : Alfred Hitchcock