The Shape of Water

Productiejaar: 
2017
Categorie: 
Langspeelfilm
Releasedatum: 
31/01/2018
Verdeler: 
20th Century Fox
Speelduur: 
119 minuten
Filmgenre: 
Avontuur
Drama
Thriller
Regisseur: 
Guillermo del Toro
Producent: 
J. Miles Dale
Guillermo del Toro
Director of Photography: 
Dan Laustsen
Uitvoerend Producent: 
Xavier Forcioli
Scenarist: 
Guillermo del Toro
Vanessa Taylor
Beeldmonteur: 
Sidney Wolinsky
Productie Ontwerper: 
Paul Denham Austerberry
Art Director: 
Nigel Churcher
Kostuumontwerper: 
Luis Sequeira
Componist: 
Alexandre Desplat
Sally Hawkins
/  
Elisa Esposito
Michael Shannon
/  
Richard Strickland
Richard Jenkins
/  
Giles
Doug Jones
Doug Jones
/  
Amfibie-achtige man
Michael Stuhlbarg
/  
Dr. Robert Hoffstetler
Octavia Spencer
/  
Zelda Fuller

Met zijn tiende langspeler zet de Mexicaanse cineast en allroundfilmliefhebber Guillermo Del Toro zich definitief op de kaart – voor zover hij daar al niet stond. De Gouden Leeuw in Venetië, gegarandeerd prijsbeest op de Golden Globe, Bafta, Academy Awards en aanverwante bacchanalen … het is een mooie prestatie voor een cineast die hiervoor veelvuldig caterde aan de verzuchtingen van een blockbusterpubliek (“Blade II”, “Hellboy 1 en 2”, “Pacific Rim”) en zijn meer persoonlijke projecten (“The Devil’s Backbone”, “Crimson Peak”) zag teleurstellen aan de kassa’s. Scoren deed hij wel in arthousemiddens met “Pan’s Labyrinth”, wereldwijd waarschijnlijk de meest geliefde fantasyfilm uit 2006 waarin Del Toro een esthetisch etherische toon meegaf aan het coming of age verhaal van een meisje tijdens het Francoregime in het na-burgeroorlogse Spanje. Het zal wel geen toeval zijn dat “The Shape Of Water” dicht bij deze film aanleunt. En elf jaar later zelfs kan gezien worden als een 2.0 versie daarvan.

De grootste inspiratie voor “The Shape Of Water” is eigenlijk Jack Arnolds natte klassieker ‘Creature From The Black Lagoon’ uit 1954. Daarin zet een gekieuwd monster zijn zinnen op een zwartharige schone, maar het water lijkt zowel te diep en te koud om de twee samen te brengen. Del Toro vond het al van toen hij de film als kleine uk zag jammer dat de twee niet bij elkaar konden blijven. “The Shape Of Water” is zijn ‘wat als’-eerbetoon aan de zwarte lagune. Maar is tegelijkertijd veel meer dan dat.

Met zijn setting in het koudeoorlogklimaat in de jaren zestig en zijn onderhuids subtiel kronkelende oproep tot verdraagzaamheid - door zowel een homofiele als zwarte sidekick in de mix te gooien – is het een sociaal relevante film, gecouturierd in een historische jas. Een jas voorzien van thrillernaden waarin Russische spionnen, malafide Amerikaanse militairen en de toenmalig brandend actuele ruimterace genaaid zitten. En toch is “The Shape Of Water” au fond een warm filmbad: een soort “E.T.” voor een rijp publiek als het ware.

De stomme Elisa (Sally Hawkins) mag dan wel niet kunnen spreken, ze is verdomd bij de pinken. Ze groeide op als weeskind nadat ze in het water werd gevonden met een nekwonde. Als volwassene werkt ze als schoonmaakster in een geheim overheidslaboratorium in Baltimore. Ze woont alleen in een appartement boven een bioscoop en is dikke vrienden met haar bejaarde buurman (Richard Jenkins). Op een dag is Elisa er samen met collega Zelda (Octavia Spencer) getuige van hoe een vreemd creatuur in het laboratorium wordt binnengebracht in een watertank. Positief ziet zijn lot er niet uit, daar de militairen de geheimzinnige kieuwenman zien als vivisectiemateriaal. Elisa ziet in het uit de Amazonerivier geviste creatuur echter een lotgenoot die haar onvermogen tot spreken en fascinatie voor water deelt en is vastbesloten om het wezen uit zijn benarde positie te bevrijden.

Verhaaltechnisch mag je vele dingen met een korrel zout nemen in “The Shape Of Water”, maar dat is niet erg. Del Toro laat immers twee uur lang de magie van de cinema werken. Met een romantische ziel in het midden, en sardonische weerhaken langs de zijkant. Michael Shannon gaat heerlijk in overdrive als gewetenloze tandenknarsende mannetjesputter met een elektrostoten uitdelende gummiknippel aan zijn zij … B-filmgedrag in een op Oscars kans makende A-productie: niet iedereen komt er mee weg. Del Toro wel. Ook omdat werkelijk alles heel verzorgd is in de film: Jenkins en Spencer maken hun personages menselijk en hartelijk en de romance tussen Hawkins en Del Toro’s fetisjacteur Doug Jones in kieuwenpak weet ondanks alle onwaarschijnlijkheden smeulend te begeesteren. Zetten de kroon op het werk: een ontiegelijk mooi set design die duistere overheidsgangen combineert met een waarlijk fantastisch ogende double bill-tempel. En dat allemaal op de tonen van een licht en donker omarmende score van Alexandre Desplat die af en toe zowaar de levensvreugde van Yann Tiersens “Amélie Poulain” weet te evoceren.

Alex De Rouck