Dunkirk

Categorie: 
Langspeelfilm
Productiejaar: 
2017
Releasedatum: 
19/07/2017
Filmgenre: 
Actie
Drama
Speelduur: 
106 minuten
Verdeler: 
Warner Bros
Regisseur: 
Christopher Nolan
Producent: 
Nolan Thomas
Emma Thomas
Christopher Nolan
Director of Photography: 
Hoyte Van Hoytema
Uitvoerend Producent: 
Jake Myers
Beeldmonteur: 
Lee Smith
Productie Ontwerper: 
Nathan Crowley
Kostuumontwerper: 
Jeffrey Kurland
Componist: 
Hans Zimmer
Fionn Whitehead
/  
Tommy
Tom Glynn-Carney
/  
Peter
Jack Lowden
/  
Collins
Harry Styles
/  
Alex
Aneurin Bernard
/  
Gibson
James D'Arcy
/  
Kolonel Winnant
Barry Keoghan
/  
George
/  
Commandant Bolton
Cillian Murphy
/  
Rillende Soldaat
Mark Rylance
/  
Mr. Dawson
Tom Hardy
/  
Farrier

Te land ter zee en in de lucht.  Het zou een flauwe slagzin op de poster van Dunkirk kunnen zijn maar wel met weinig woorden de filmlading dekken.  Vierhonderdduizend soldaten die als ratten in de val zitten.  Teruggeslagen tot op het kale strand van Duinkerke.  Met in hun rug enkel de zee en aan de andere kant de oprukkende vijand.

De Britse troepen én geallieerden krijgen enkel nog beperkte steun vanuit de lucht door de Spitfires van de Royal Air Force die over het Kanaal razen maar voor een schier onmogelijke opdracht staan.  De enige hoop die er nog is voor de soldaten zijn de schepen en boten die onderweg zijn naar de kust  om zoveel als mogelijk soldaten op te pikken.  Met honderden zijn ze.  De militaire vaartuigen zijn in de minderheid, het zijn vooral boten van burgers die uit vaderlandsliefde bereid zijn om hun leven op het spel te zetten om de troepen weg te halen uit hun uitzichtloze situatie.  Codenaam : Operation Dynamo.

Joshua Levine, auteur van het boek ‘Forgotten Voices of Dunkirk’ is de man waarop Nolan een beroep deed om het allemaal zo waarheidsgetrouw mogelijk te gaan verfilmen.  Als we sommige berichten op het internet mogen geloven is het verhaal van “Dunkirk” niet zo volledig en secuur als we zouden moeten geloven – de Belgen zouden niet de eer krijgen die ze wel verdienen – maar er zijn genoeg inspanningen geleverd door de makers om de gebeurtenissen van eind mei 1940 zo goed als mogelijk te reconstrueren.  Zo had Nolan ook contact met oorlogsveteranen die de gebeurtenissen in Duinkerke hebben meegemaakt.  Een deel van de film werd daarenboven opgenomen op het strand van Duinkerke zelf, én tijdens dezelfde periode van het jaar.  De wens om het allemaal zo waarachtig mogelijk te verfilmen hield ook in dat een soort van pier werd gebouwd zoals destijds.  Eén met vrachtwagens in de zee als steun voor de constructie daarboven.  Op die manier kreeg men op de set een nog beter beeld van wat de soldaten destijds moesten doormaken.

De waterscènes in “Dunkirk” werden voor een groot deel opgenomen op het Ijsselmeer in Nederland.  Op die manier vermeed men het spel van de getijden zodat specifieke sets op de bodem konden verankerd worden zonder enige visuele impact van eb en vloed tijdens het filmen.  Voor Nolan meteen ook een nieuwe gelegenheid om ‘the Edge’ die hij al gebruikte in “The Dark Knight” bij de auto-scènes en op een Mercedes monovolume was gemonteerd, nu op een catamaran te gaan bevestigen.  Geen makkie als je weet dat het hier gaat om een soort van telescopische kraan van pakweg acht meter die voldoende wendbaar moest zijn om de bevestigde IMAX-camera’s voldoende tot hun recht te laten komen.

Ook voor het recupereren van zoveel schepen en boten als mogelijk was het alle hens aan eh… dek zeg maar.  Men wist tientallen vaartuigen die destijds betrokken waren bij de reddingsactie uit maar liefst negen verschillende landen naar de set te halen, inbegrepen drie mijnenvegers, een hospitaalschip en de ‘Maillé-Brézé.  Die laatste is een Franse torpedojager van wel meer dan 100 meter lang die sinds 1991 was ondergebracht in een museum en door het ontbreken van een motor door een sleepboot vanuit Nantes naar de set werd gehaald.  De Moonstone in de film is dan weer een jacht, gebouwd in 1939, die de makers zelf kochten zodat ze er zonder enige beperking alles konden mee doen wat nodig was voor de film.

Ook al echt : de Spitfires in de film.  De makers wisten de hand te leggen op twee Mark 1’s, één Mark 5 en een Spaanse Ha-1112 als een soort vervanger voor de Duitse ME-109’s, beter gekend als Messerschmitts.  Een Yak-52, een Russische tweezitter deed dan weer dienst voor de close-ups van de piloten in de film.  De gigantische IMAX-camera monteren in/op het vermelde vliegtuig was een  technisch huzarenstukje.

Christopher Nolan kon voor de rol van Mr. Dawson in de film een beroep doen op Mark Rylance.  Een betere keuze was er allicht niet en ook nu weer blinkt de acteur uit door zijn beheerste, gecontroleerde manier waarop hij in de huid van zijn personage kruipt.  De scène mét deukhoed op het einde van de film doet vermoeden dat hij even daarvoor is weggewandeld van op de set van “Bridge of Spies”.

Christopher Nolan heeft al enkele indrukwekkende, beresterke films (“Interstallar”, “Inception”, “The Dark Knight”) gemaakt en richt zijn filmpijlen nu niet alleen op het oorlogsgenre maar tegelijk ook op iets wat zich écht heeft afgespeeld, tijdens de eerste maanden van de Tweede Wereldoorlog.  Zoals verwacht is “Dunkirk” niet de oorlogsfilm geworden zoals we die gewoon zijn om zien en dat was meteen ook Nolan’s bedoeling : geen klassiek oorlogsdrama maken maar een meeslepende, actiethriller die door specifieke elementen wordt voortgestuwd.  Nolan volgt de strijd vanuit het standpunt van een aantal personages.  De dramatiek is er wel maar Nolan slaagt er niet in om de kijker enige emotionele betrokkenheid met de vermelde personages te bezorgen. 

De piloot die samen met zijn collega het gevecht voert in de lucht, de burger die met zijn boot vertrekt richting Duinkerke om er de manschappen op te pikken, de soldaat die in zijn bijzonder kwetsbare positie probeert om aan boord van een schip weg te geraken, de oorlog door de ogen van verschillende betrokkenen die de gebeurtenissen in Duinkerke elk op hun eigen manier hebben beleefd.  De respectievelijke stukjes hebben raakpunten met elkaar en door wat te schuiven met de chronologie in de film laat Christopher Nolan één en ander op elkaar aansluiten.

De beklemmende sfeer van een piloot in zijn cockpit of de soldaat die zich in een automatische reactie weer wat kleiner maakt wanneer vliegtuigen laag over het strand scheren krijgt telkens een extra steun in de vorm van een zware dreun uit de luidsprekers die steeds met een zelfde frequentie richting trommelvlies wordt geramd.  Een schurend, kloppend, hamerend, metaalachtig, artificieel geluid.  Doem.  Doem. Doem.  Doem.  Traag.  Met telkens een tussenpauze.  De bedoeling hiervan is duidelijk en de impact op de kijker treffend maar na drie kwartier wordt het ronduit irritant en bijzonder storend.  Huiswaarts rijden na de film in een hevige onweersbui waarbij de regen met bakken uit de hemel valt herinnert ons ook al aan het hinderlijke, irriterende geluid wanneer de ruitenwissers het beste van zichzelf geven.  Doem.  Doem.  Doem.  Doem.  Een beetje regen na filmzonneschijn dus in deze veelbelovende filmzomer.

Koenraad Adams